publicatiedatum: 

Wet Werk en Zekerheid: tijdig anticiperen op veranderingen

De Tweede Kamer heeft op 18 januari jl. het wetsvoorstel Wet Werk en Zekerheid aangenomen. Op dit moment behandelt de Eerste Kamer het voorstel. 

Eind april sprak de Eerste Kamer twijfels uit over de eventuele verslechtering van de positie van flexwerkers met de invoering van de Wet Werk en Zekerheid (WWZ). De WWZ wordt, als het aan minister Asscher (SZW) ligt, in de huidige vorm op 1 juli 2014 ingevoerd. Dat valt te lezen in zijn reactie op de vragen van de Eerste Kamer. De WWZ wordt met enkele kleine wijzigingen opnieuw voorgelegd aan de Tweede Kamer. 

De basisgedachte van de wet: van baanzekerheid naar werkzekerheid

De gedachte achter de nieuwe wet is het arbeidsrecht moderniseren en de verschillen tussen bepaalde en onbepaalde tijdscontracten te verkleinen. De nadruk verschuift van baanzekerheid naar werkzekerheid. De WWZ bestaat uit drie onderdelen:

  •     Aanpassing van flexbepalingen
  •     Modernisering van het ontslagrecht
  •     Wijziging van de WW

Om werknemers en werkgevers tijd te geven zich goed voor te bereiden op de nieuwe situatie, worden de meest ingrijpende veranderingen pas in 2015 en 2016 ingevoerd. Zo zijn per 1 juli 2015 de modernisering ontslagrecht en de aanscherping ketenbepaling van kracht. Per januari 2016 wordt de duur van de WW volgens de huidige plannen teruggebracht naar 24 maanden.

Veranderingen vanaf 1 juli 2014

Vanaf 1 juli 2014 veranderen hoogstwaarschijnlijk de onderstaande maatregelen:

  •     Aanzegtermijn – tijdig informeren
  •     Proeftijd – niet altijd toegestaan
  •     Concurrentiebeding – bij BT verboden
  •     Aanscherping regels loonuitsluiting – voor nuluren- en oproepcontracten