Wat is je rol als werkgever tijdens het burn-out herstel van een werknemer?

Okay, je hebt een werknemer met een burn-out: je weet zeker dat hij niet overspannen is, je hebt de klachten en symptomen gespot, je weet wat de oorzaak is. Check, check, check. En dan? Dan gaan we het aanpakken! We pakken meteen 2 vliegen in 1 klap: een herstelde medewerker en een bedrijf dat blijft draaien. Let’s go!

Zo herstelt je werknemer van een burn-out

Herstellen van een burn-out heeft tijd nodig: de ene doet er drie maanden over, de ander minstens acht maanden. De behandeling duurt lang en dat is ook nodig om een tweede burn-out te voorkomen. Belangrijk dus om je werknemer de tijd te geven! 

Het herstel van een burn-out bestaat meestal uit drie fases:

  1. Bewustwording en accepteren. Dit is hét moment voor je medewerker om even echt rust te nemen. Sommige taken laat hij/zij vallen, anderen niet. Dit kan werk zijn, afspreken met vrienden of huishoudelijke klusjes uit handen geven. Dit zorgt ervoor dat je werknemer echt even tijd voor zichzelf heeft.

  2. Wat zijn de problemen en oplossingen? Een burn-out wordt veroorzaakt door stress en spanning. Waar ligt deze spanning? Dit antwoord kan een hele lijst worden en dat is goed! Dan moet er gekeken worden naar de oplossingen. En dat niet alleen: kunnen er al spanningspunten af worden gevinkt? Zo ja, supergoed! 

  3. De uitvoering. Uitproberen maar! Begin met kleine oplossingen uitvoeren. Geleidelijk kiest je werknemer ervoor om het groter aan te pakken. Vaak geeft het uitvoeren een fijn gevoel waardoor andere problemen zich ook makkelijker oplossen.. Fijn! 

Wacht niet tot je medewerker weer voor de volle 100 procent kan vlammen, regel vervanging! Tempo-Team to the rescue! Met onze tijdelijke vervanging voelt jouw medewerker dat hij of zij écht in alle rust kan herstellen, terwijl jij er zeker van bent dat je zaak doordraait. Lekkerrr! 

Burn-out van een werknemer: rechten en plichten van de werkgever

Tja, als werkgever ben je niet veel betrokken bij de drie fases van herstel. Gelukkig zijn er een hele hoop andere zaken waar je je werknemer wél mee helpt. Yes! We lopen stap voor stap door de punten heen waar jij als werkgever wél een rol in speelt.

1. Een afspraak met de bedrijfsarts of arboarts

In de eerste week meld jij jouw medewerker bij de bedrijfs- of arboarts. Omdat je niet aan je werknemer mag vragen wat de reden is van het ziekteverzuim, weet je dus niet 100% zeker wat de oorzaak is. De bedrijfsarts stelt samen met je werknemer een probleemanalyse op, die jij vervolgens van de bedrijfsarts krijgt doorgespeeld. Hieruit blijkt of de klachten werkgerelateerd zijn. Aan de hand van deze analyse krijg jij al een beter beeld van het probleem en kunnen jullie gaan kijken hoe je een burn-out in de toekomst kan voorkomen bij deze werknemer of andere medewerkers. 

2. Iedere 6 weken een voortgangsgesprek

Om te zien of alles nog goed gaat, wordt je werknemer om de zes weken uitgenodigd bij de bedrijfsarts. De precieze details blijven natuurlijk tussen de arts en werknemer, maar de bevindingen krijg jij gelukkig wel te horen. Zo blijf je goed op de hoogte van de gezondheid van je medewerker. Natuurlijk mag je zelf ook af en toe wat van je laten horen! Zodat je medewerker weet dat je aan hem of haar denkt. Bijvoorbeeld door een kaartje te sturen of op een later moment door wellicht een keer koffie te drinken. Let wel: informatie over het ziekteverloop krijg je van de arts en hier heb je het dus niet over.

3. Stel samen een Plan van Aanpak op

Niet later dan twee weken na het ontvangen van de probleemanalyse, maak je samen met je werknemer een Plan van Aanpak. Wat staat hier in? Alle afspraken die jullie samen maken. Zo weet je precies wat je van elkaar mag verwachten en wat er te doen staat. Fijn! 

Een Plan van Aanpak bestaat uit de volgende onderdelen:

  • Basisgegevens van de werknemer en jou (naam, BSN, bedrijfsnaam en naam contactpersoon)
  • De gegevens van de arbodienst of bedrijfsarts
  • De functie van de werknemer
  • De visie van jou en je werknemer over de functie, arbeidsmogelijkheden en de kwaliteit van de arbeidsverhouding
  • In welke mate gaat de werknemer het werk hervatten bij jouw bedrijf (volledig, gedeeltelijk, met aanpassingen, etc)
  • Gezamenlijke afspraken over:
    • De inhoud van het werk
    • De arbeidsomstandigheden
    • Voorwaarden van het werk
    • Arbeidsverhoudingen
    • Sociaal medische zaken (op advies van de bedrijfsarts)
    • Overige activiteiten

4. Houd een re-integratiedossier bij

Bij een burn-out (en alle andere vormen van langdurig ziekteverzuim) houd je altijd een re-integratiedossier bij. Ja ja, dat is verplicht! Alles wat je werknemer of jullie samen uitvoeren, komt hierin te staan. Alles? JA! Alles. Van gegevens en correspondentie tot wat er is gedaan om je werknemer aan het werk te houden en hoeveel uren werk dat waren. Het enige wat je er buiten laat, zijn de medische gegevens. Dat blijft tussen je werknemer en de arts. 

In het re-integratieverslag staat:

  • De probleemanalyse
  • Jullie Plan van Aanpak
  • De (eerstejaars)evaluatie
  • Het actuele oordeel van de bedrijfsarts/arboarts
  • Een eindevaluatie

5. Melding maken bij het UWV

Als je werknemer 42 weken ziek is, moet je als werkgever een melding maken bij het UWV. Dit doe je zelf of via de arboarts, dat ligt er maar net aan wat je hebt afgesproken. Gedaan? Dan krijg je van het UWV informatie over de activiteiten die je moet ondernemen in het komende ziektejaar. Bewaar deze goed!

Is je werknemer na deze melding weer beter en aan het werk? TOP! Dan hoef je niet verplicht te melden bij het UWV dat je werknemer weer beter is, maar… 

  • Je kunt de werknemer alleen opnieuw ziek melden als er geen oude melding meer openstaat;
  • Door weer een melding te maken, is alle info online actueel;
  • Je werknemer krijgt dan geen brief van het UWV over een WIA-aanvraag.

6. Eerstejaarsevaluatie

Na een jaartje is het tijd om even rond de tafel te zitten en alles te bespreken. Hoe ging het afgelopen jaar, wat kan er beter en wat is het plan voor re-integratie? Deze Eerstejaarsevaluatie stellen jullie samen meestal op tussen week 46 en 52. Schrijf alles op! Dit stop je namelijk in je re-integratiedossier.

7. Eindevaluatie

Nog één laatste dingetje om het re-integratiedossier af te ronden: een eindevaluatie. Deze maak je zodra je werknemer meer dan anderhalf jaar ziek is. 

In een eindevaluatie staat:

  • Basisgegevens van je werknemer, het bedrijf en de arbodienst/bedrijfsarts;
  • In hoeverre de werknemer weer aan het werk is bij jou, in een andere functie of bij een andere werkgever;
  • Is de werknemer überhaupt nog aan het werk bij jou?
  • Zijn er nog mogelijkheden om bij jouw bedrijf aan het werk te gaan (re-integratie spoor 1);
  • Of is re-integratie 2e spoor ingezet?
  • Zijn de re-integratiestappen volgens plan gegaan?
  • Wordt het loon tijdelijk niet betaald?
  • Heb je als werkgever kopieën van het re-integratieverslag (RIV) aan de werknemer gegeven?
  • Heeft de werknemer akkoord gegegeven op het insturen van de RIV-documenten?
  • Welke documenten er verder meegestuurd worden met de RIV-documenten.

Met zo’n behoorlijke lijst is de evaluatie afgerond en gaan jullie verder aan de slag met de re-integratie. Want daar draait het natuurlijk om! 

De re-integratie: hoe pak je dat aan?

Okay, de medewerker gaat de stap maken om terug te keren naar het werk. Spannend! Dat wordt aanpakken, want ook daarin is goede begeleiding belangrijk. Ook daar helpen we je graag bij! Lees ons stappenplan om na een burn-out weer te werken.

Anderen lazen ook: